Waar blijft die koopkracht?

Afgelopen september maakte het kabinet bekend dat bijna iedereen er dit jaar op vooruit zou gaan. De gemiddelde koopkracht zou dit jaar met 1,5% gaan toenemen. Ook stelde de regering miljarden extra ter beschikking voor investeringen in defensie, onderwijs en infrastructuur. Alleen maar goed nieuws zou je denken, maar de realiteit stemt somber.

Het kabinet heeft in haar prognose rekening gehouden met de stijging van het lage btw-tarief. Boodschappen worden duurder, net als andere basisvoorzieningen als de kapper, de fietsenmaker en het openbaar vervoer. Maar waar het kabinet niet op gerekend heeft zijn alle extra lastenverhogingen die ons te wachten staan.

Hogere energierekening

Sinds de presentatie van de begroting in september is duidelijk geworden dat de energierekening dit jaar fors omhoog zal gaan. De overheid wil een zogeheten energietransitie afdwingen en doet dat door burgers via de portemonnee te straffen. Met name de belasting op gas gaat flink omhoog, omdat we allemaal over moeten stappen op een elektrische auto, zonnepanelen en een warmtepomp. Heeft u toevallig geld liggen, dan kunt u rekenen op riante belastingvoordelen op dit soort investeringen. Heeft u dat geld niet, dan heeft u pech.

Het klimaatakkoord verplicht huiseigenaren vanaf 2030 om te investeren in het ‘verduurzamen’ van hun woning. Afhankelijk van de ouderdom van uw huis betekent dat investeringen die kunnen oplopen tot enkele tienduizenden euro’s. Om deze investeringen te kunnen doen moet u wellicht meer geld lenen, waardoor uw toekomstige koopkracht afneemt.

Sommige partijen willen de rekening voor het verduurzamen van de economie bij de industrie leggen, omdat die de meeste vervuiling voor hun rekening nemen. Een kortzichtige gedachte, omdat die bedrijven de kosten voor bijvoorbeeld het verminderen van de CO2-uitstoot zullen doorberekenen aan de consument die hun producten koopt. Ook is het mogelijk dat bedrijven hun productie verplaatsen naar andere landen, waar de belastingdruk lager is. Daarmee gaat werkgelegenheid verloren en ook dat is niet goed voor de economie.

Hogere gemeentelijke belastingen

Deze week werd bekend dat de gemeentelijke lasten dit jaar flink zullen stijgen. Gemeentes moeten meer doen aan recycling van afval en daarom wordt het duurder om afval te verwerken. Op zichzelf is het niet verkeerd om aan recycling en afvalscheiding te doen, maar het betekent wel dat huishoudens dit jaar meer geld kwijt zijn aan gemeentelijke belastingen. Ook dat is waarschijnlijk niet meegenomen in de koopkrachtplaatjes van de regering.

Meer inflatie

Door de veranderingen die de regering heeft doorgevoerd houdt u netto misschien iets meer salaris over, maar dit voordeel wordt volledig teniet gedaan door allerlei prijsstijgingen. Is het u ook al opgevallen dat de prijzen in de supermarkt opnieuw flink zijn gestegen? En dat de zorgpremie opnieuw veel meer verhoogd is dan de officiële inflatie? En wat te denken van hogere huizenprijzen en huren?

Neem je al deze factoren in overweging, dan zijn er genoeg redenen te bedenken waarom mensen boos de straat op gaan. Voor de mensen met een goed inkomen zullen alle prijsstijgingen en lastenverhogingen geen merkbare invloed hebben op hun levensstijl, maar dat kan niet gezegd worden van de lagere inkomens.

Vorig jaar publiceerde de Rabobank de uitkomsten van een onderzoek naar het besteedbare inkomen in Nederland. En wat bleek, het reële inkomen van huishoudens is de afgelopen veertig jaar amper toegenomen. En dat zijn berekeningen op basis van de officiële inflatie. Klopt het dat de inflatie in werkelijkheid veel hoger is, dan zijn bepaalde groepen er eigenlijk dus op achteruit gegaan. Dat zien we terug in de cijfers van de Rabobank. Het zijn met name de laagste inkomens die erop achteruit zijn gegaan, zoals de tweede grafiek laat zien.

Besteedbaar inkomen van huishoudens in bijna veertig jaar nauwelijks toegenomen (Bron: Rabobank)

Lagere inkomensgroepen zien inkomens voor herverdeling alleen maar verder dalen (Bron: Rabobank)

Tijd voor lagere belastingen

Kijken we naar de ontwikkelingen van de afgelopen decennia, dan valt op dat met name de overheid flink gegroeid is. Het aandeel van de overheid in het nationaal inkomen is sinds het begin van deze eeuw toegenomen van iets meer dan 24% naar bijna 29%. Dat ging ten koste van het besteedbare inkomen van gewone huishoudens, zoals de volgende grafiek laat zien.

Huishoudens krijgen een steeds kleiner deel van het nationaal inkomen (Bron: Rabobank)

Het wordt tijd dat deze ontwikkeling wordt gestopt en dat er werkelijk iets gedaan wordt om het besteedbare inkomen van huishoudens te verbeteren. Dat lukt niet met een buitenproportioneel kostbaar, weinig democratisch en oneerlijk klimaatakkoord en ook niet met een alsmaar groeiende rol voor de overheid in allerlei zaken die mensen zelf kunnen regelen.

Het herverdelen van geld door de overheid levert per saldo geen extra werkgelegenheid of productiviteit op, dat moet komen van de private sector. Het wordt tijd dat de overheid weer terugkeert naar haar kerntaken en de economie meer ademruimte krijgt om zichzelf te ontplooien en te ontwikkelen. Dat is tenslotte de basis van het kapitalisme waar we zoveel welvaart aan te danken hebben.

Lees ook:

Deel dit artikel:

Frank Knopers

Frank Knopers studeerde bedrijfswetenschappen aan de Universiteit Twente in Enschede en behaalde een Master in Financial Management met een onderzoek naar de effectiviteit van waardebeleggen (value investing) in Nederland. Sinds het uitbreken van de financiële crisis is Frank zich gaan verdiepen in de werking van het geldsysteem.