Zijn aandelen overgewaardeerd?

De Amerikaanse Dow Jones index brak deze week door de 25.000 punten, minder dan een jaar nadat de grens van 20.000 gepasseerd werd. Was het optimisme onder aandelenbeleggers toen al heel groot, nu lijkt de stemming op de beurs zelfs euforisch. Is dat optimisme terecht? Of zijn er nu betere mogelijkheden om in te investeren?

De basis voor de nieuwe records op Wall Street wordt gevormd door een sterk consumentenvertrouwen en een overvloedige beschikbaarheid van ‘gratis geld’. De rente is nog steeds uitzonderlijk laag, waardoor aandelen enkel en alleen vanwege het dividend al aantrekkelijker zijn dan bijvoorbeeld obligaties. Maar hoe ver moeten de aandelenkoersen nog stijgen, voordat we met de woorden van Greenspan kunnen spreken van ‘Irrational Exuberance’?

Het antwoord op deze vraag moet ook ik u schuldig blijven, want het enige eerlijke antwoord is dat ik het niet weet. Wel heb ik voor u een aantal indicatoren op een rij gezet, waarmee we de huidige waarderingen op de beurs in een historisch perspectief kunnen plaatsen. Gaan we dit jaar weer nieuwe records breken? Of wordt 2018 een jaar waarin we massaal naar de uitgang rennen?

1. Sentiment beleggers naar hoogste niveau in jaren

Dat het sentiment onder beleggers in de Verenigde Staten is momenteel zeer positief is wordt bevestigd door de AAII Investor Sentiment Survey, een wekelijkse enquête waarin beleggers gevraagd wordt wat ze de komende zes maanden verwachten van de aandelenmarkt. Uit de eerste meting van dit jaar kwam naar voren dat 59,8% momenteel positief is, het hoogste niveau sinds december 2010.

Tijdens de dotcom bubbel was het sentiment nog iets positiever, maar ook de huidige stand ligt ver boven het lange-termijn gemiddelde van 38,5%. Deze indicator bestaat al sinds 1987 en wordt regelmatig aangehaald in verschillende financiële nieuwsbrieven en op de terminal van Bloomberg.

Sentiment beleggers is momenteel zeer positief (Bron: AAII)

2. Cashpositie beleggers naar laagste niveau sinds 1999

Zoals we in een ander artikel al schreven houden beleggers momenteel relatief weinig geld achter de hand op hun beleggingsrekening. De AAII Cash Index zakte eind vorig jaar naar 14,5%, wat betekent dat beleggers momenteel gemiddeld slechts 14,5% van hun beleggingsvermogen langs de zijlijn laten staan. Ook deze indicator zegt iets over het sentiment, aangezien beleggers in tijden van crisis geneigd zijn meer geld achter de hand te houden en in ‘goede tijden’ juist meer in aandelen te investeren.

Beleggers houden minder geld achter de hand (Bron: Bloomberg)

3. Grote bedrijven kopen minder aandelen terug

De beursrally van de afgelopen jaren werd ondersteund door grote bedrijven, die door de extreem lage rente makkelijk geld konden lenen om eigen aandelen terug te kopen. Niet alleen kunnen bedrijven hiermee hun zogeheten ‘Weighted Average Cost of Capital’ (WACC) verlagen, ook zorgt het voor een stijging van de aandelenkoersen. Dat is leuk als de beloning voor het management of de directie wordt uitgekeerd in opties of aandelen.

Maar de Wall Street Journal schrijft nu dat deze stimulans voor aandelen aan kracht lijkt te verliezen. Vorig jaar zakte het bedrag waarvoor grote bedrijven eigen aandelen inkochten naar het laagste niveau sinds 2012. Vinden bedrijven hun eigen aandelen te duur geworden? Of zien ze door de aantrekkende economie weer meer mogelijkheden om nieuwe investeringen te doen?

4. Koers/winst verhouding hoger dan 1929

Een bekende graadmeter voor de aandelenmarkt is de koers/winst verhouding, omdat dat iets zegt over de relatie tussen de aandelenkoers en de winstgevendheid van het bedrijf. Een verbeterde versie van deze indicator is de Shiller PE ratio, die de gemiddelde koers/winst ratio van de afgelopen tien jaar als uitgangspunt neemt. Door naar een langere termijn te kijken worden uitschieters weggefilterd en krijg je een beter beeld van de werkelijke situatie.

Deze ratio ligt momenteel op 33,17, wat betekent dat beleggers voor een aandeel nu 33,17 keer de jaarlijkse winst per aandeel neertellen. Dat is extreem hoog in vergelijking met de meer dan 120 jaar aan historische data. Vlak voor de beurscrash van 1929 lag deze ratio op 30, terwijl in de dotcom bubbel zelfs een piek van 44 werd aangetikt. Daar zitten we op dit moment dus tussenin.

Koers/winst verhouding bedrijven is al hoger dan in 1929 (Bron: Multpl.com)

5. Beleggen met geleend geld naar recordhoogte

Wanneer de aandelenkoersen stijgen en het sentiment positiever wordt zijn beleggers eerder geneigd met geleend geld aandelen te kopen of beleggingsproducten met een hefboomfunctie aan te kopen. Zet de stijgende trend door, dan kun je met geleend geld je effectieve rendement aanzienlijk verhogen. Wel nu, de zogeheten ‘margin debt’ steeg in november naar een nieuw record van meer dan $580 miljard.

Beleggers gebruiken steeds meer geleend geld (Bron: Advisor Perspectives)

6. Rendement obligaties hoger dan dividendrendement

Sinds het uitbreken van de financiële crisis en het ingrijpen van centrale banken zijn we eraan gewend geraakt dat staatsobligaties weinig rente opleveren, in elk geval minder dan het dividendrendement van aandelen. Maar dat lijkt nu eindelijk te veranderen, want deze week kwam de Amerikaanse 2-jaars rente voor het eerst boven het gemiddelde dividendrendement van S&P 500 aandelen uit.

Het schuldpapier levert nu bijna 2% rente op, een fractie meer dan het dividendrendement op een goed gespreide aandelenportefeuille. En dat betekent dat aandelen tegen de huidige koers niet langer de vanzelfsprekende keuze zijn voor beleggers. Vanaf nu zijn ook staatsobligaties weer interessant als alternatief, wat kan betekenen dat er voortaan meer geld richting de obligatiemarkt vloeit. Dat kan een verdere stijging van de aandelenmarkt afremmen.

Rendement obligaties hoger dan dividendrendement (Bron: Bloomberg)

Deze column verscheen eerder bij Goudstandaard